KINDERRECHTEN (62) analyse mei 2022 (historiek procedure)

Analyse

Bij mijn terugkomst uit Oeganda zit de brievenbus propvol. De gemeente Laarne laat weten dat mijn echtscheiding is overgeschreven. 

De rechtbank laat weten dat het oordeel in de zaak Beau “om organisatorische redenen” verschoven is van 12 mei naar 9 september 2022.

Rechters, procureurs en gemeenteambtenaren zijn dagelijks bezig met zaken die het welzijn van mensen bepalen. Dat hebben Beau, Marcey en ik en bij uitbreiding een aantal andere mensen in deze ervaren. De vraag is of ze zich hier voldoende rekenschap van geven.

Mijn recente bezoek aan Beau en Marcey heeft me geleerd dat de gezondheidsproblemen die ik de laatste 2 jaar ondervind niets te maken hebben met Covid maar met stress omtrent het lot van Beau en met mijn relationele situatie.

De gemeenteambtenaar

Juni 2019

Ik vind de rechtsgang onvoorstelbaar. Het begint bij een gemeenteambtenaar die mij een ellenlange reeks documenten vraagt die niet door de wet vereist worden (4 juni 2019; post 10). En die wanneer hij hier -veel te lang na datum- advies over vraagt aan zijn beroepsvereniging, een onvoldoende krijgt voor professionele kennis (24 februari 2020; post 25). Wat moet je daar mee? En kijkt de gemeente niet mee?

September 2020

Het gaat verder met dezelfde gemeenteambtenaar die -om zijn gram te halen?- mijn zaak doorstuurt naar de rechtbank op basis van een ‘vermoeden’ van schijnerkenning (21 augustus 2020; post 24). Hij doet dit zonder ook maar één concreet gegeven aan te dragen waaruit dit vermoeden voortkomt. Dat is een oneigenlijk gebruik van de ‘wet op de frauduleuze erkenning’. 

De substituut

Er volgt een bezoek van en vervolgens een verhoor door de politie (9/9/2020; post 27). Ik word, blijkens het verslag, als verdachte van een misdrijf waarop een gevangenisstraf staat verhoord. Overigens heb ik op het verhoor zelf niks aan te merken.

De politieambtenaar geeft een objectieve samenvatting van het verhoor maar de substituut slaat die in de wind. Hij puurt er een heel ander verhaal uit. Hij concludeert uit het verhoor dat er geen echte relatie bestaat tussen mij en Marcey – want ik geef niet genoeg details- en dat ik Beau niet schijn te kennen – want ik geef niet genoeg details. En hij schrijft letterlijk: “Meneer PEETERS had tot op heden weinig contact met zijn kind. (…) Hij verklaarde sinds de geboorte zijn kind twee keer te hebben gezien. Ondertussen is het kind bijna twee jaar. (…)

De substituut geeft allerlei ver gezochte interpretaties en slaat de naakte feiten over. Hij vermeldt niet dat ik 136 dagen bij Marcey ben geweest tijdens haar zwangerschap en 135 dagen bij Beau en Marcey tijdens Beau zijn eerste levensjaar (van 14 maart tot 17 mei 2019 -eerste bezoek- en van 3 oktober tot 13 december 2019 -tweede bezoek). Hoe zou ik mijn kind dan niet kennen?

Hij schijnt verder niet te weten dat reizen naar Oeganda het grootste deel van het tweede jaar -van maart tot oktober 2020- onmogelijk was: grens gesloten wegens corona.

Hij geeft een negatief advies over de erkenning (23/11/2020; post 29). Ik zie alleen dat het leeftijdsverschil tussen Marcey en mij de aandacht kan trekken. Voor de rest is zijn hele verhaal speculatief; er wordt niets aangetoond. Wat moet je daar mee? De zaak komt dan maar bij de rechter aan, die hopelijk feiten van fictie weet te onderscheiden. 

De rechter

Februari 2021

De advokaat vraagt het dossier te stofferen met het bewijs dat ik de biologische vader ben (DNA-test; rapport op 22 maart 2021; post 33 ). Verder wil hij graag dat ik de relatie met Beau en Marcey illustreer met foto’s en screenshots van communicaties. Het moet duidelijk worden dat we regelmatig contact hebben en de opvoedingsverantwoordelijkheid delen. Ik moet aantonen dat ik mijn vaderlijke verantwoordelijkheid opneem, b.v. door middel van stortingsbewijzen onderhoudsgeld, bijdrage in de huur, bewijsstukken van bezoeken (visa, in- en uitreisstempels)... Dus bezorg ik die.

Hoe de zaak verder aangepakt wordt laat ik uiteraard aan de advokaat over. Ik beschouw mijn advokaat als een senior advokaat en blijkbaar heeft hij ervaring met gelijkaardige zaken. Alle gesprekken zijn met hem maar helaas stuurt hij altijd een medewerkster naar de rechtbank.

November 2021

De rechter heeft vragen bij de insteek van de advokaat -Marcey dagvaardt mij- maar neemt de zaak toch in beraad (juni 2021). Hij stelt een uitspraak in het vooruitzicht voor september 2021, na het gerechtelijk verlof. In november 2021 velt hij een tussenvonnis (post 46) en roept partijen op hun standpunten nog eens te verhelderen op een nieuwe zitting die in het vooruitzicht wordt gesteld voor mei 2022. Hij vraagt ook de aanstelling van een voogd om de belangen van Beau in de procedure te behartigen.

April 2022

De advokaat vraagt mij om geactualiseerde gegevens over mijn relatie met Beau en Marcey. In april 2022 laat de rechter echter weten dat “om organisatorische redenen” de voor mei aangekondigde zitting zal verplaatst worden naar september 2022. Daarmee slaagt de rechter er in de zaak voor de tweede keer over het gerechtelijk verlof heen te tillen en ze al minstens gedurende 16 maanden bij hem te houden.

De looptijd

Het dossier is nu al een jaar bij de rechter en er is geen vooruitzicht op een uitspraak. Mijn eerste vraag over hoe de ‘erkenning vaderschap’ aan te vragen dateert van november 2018 en was gericht aan de Belgische Ambassade in Kampala. Dat is drie en een half jaar geleden. Het werd al gauw duidelijk dat de gemeenten sinds april 2018 een belangrijke rol gekregen hebben in dit soort dossiers en dat de zaak dus bij de gemeente diende te worden geopend.

Over de rol die door de ‘wet op de frauduleuze erkenningen’ van 2017 aan de gemeenten werd toegekend hadden rechten-organisaties ernstige vragen. Terecht denk ik. De wet werd aangepast en er werd in een beroepsmogelijkheid voorzien bij de familierechtbank, maar blijkbaar zijn nog niet alle pijnpunten weggewerkt. Voor mij is de tijd gekomen om het dossier Beau voor te leggen aan een rechten-organisatie.

Beau is geboren op 10 januari 2019. Ik ben tot op vandaag niet erkend als zijn vader. Ik heb nochtans mijn vaderrol opgenomen. De zogenaamde schijnerkenning-zaak sleept nu al meer dan drie jaar aan. Het heeft een grote impact op het leven van Beau, zijn mama en mij. Bedenk bijvoorbeeld dat Beau zijn Vlaamse leeftijdsgenootjes over een goede maand hun eerste schooljaar beëindigen.